algemeen
diagnostiek
behandeling
nabehandeling
gevolgen behandeling
nazorg
auteur
folders
patiëntenvereniging
- Wat
Dikke darmkanker begint meestal als gezwellen die op poliepen lijken. Als deze poliepen een aantal jaren doorgroeien kunnen ze een tumor vormen, die zich in de darmwand wortelt, er doorheen groeit en zich mogelijk uitzaait via de lymfeklieren of bloedbaan. Dikke darmkanker komt voor:
- in het einde van de darm (de endeldarm, binnen de anus)
- in de rest van de dikkedarm (het colon)
- in het begin van de dikkedarm, bij de blindedarm
- Wie
- Per jaar krijgen zo'n 9 duizend mensen in Nederland dikkedarmkanker. Hiervan worden enkele honderden in het NKI-AVL behandeld.
- Dikkedarmkanker treft zowel mannen als vrouwen, doorgaans ouder dan 60 jaar.
- Bij 5 tot 10% van de patiënten met dikkedarmkanker is er sprake van een erfelijke vorm.
- Factoren die een rol kunnen spelen bij het ontstaan
Er is geen direct verband aangetoond tussen voedsel en darmkanker, maar dikkedarmkanker komt wel vaker voor in populaties met westerse eetgewoonten, zoals een overmaat aan vet en rood vlees. Klachten / symptomen
-
- Bloedarmoede. Kanker aan het begin van de dikkedarm (bij de blindedarm) resulteert in bloedverlies. Dit bloed is niet zichtbaar in de ontlasting omdat het tijdens de rest van het spijsverteringsproces te zeer verdund wordt. Bij laboratoriumonderzoek kan het wel in de ontlasting opgespoord worden.
- Verstopping en 'potloodontlasting'. Onderaan de dikke darm, bij de endeldarm, is de ontlasting steviger. Daar kan kanker tot verstopping en krampen leiden omdat het als een ring de dikkedarm afknijpt. Ook kan de ontlasting de vorm van een potlood krijgen,
- Loze aandrang. Als de tumor vlakbij de anus zit kan dit als aandrang voelen terwijl er toch geen ontlasting komt.
- Helder bloed in de ontlasting. Als de tumor een rauw gebied heeft veroorzaakt in de endeldarm (het einde van de dikkedarm) kan bloed aangetroffen worden in de ontlasting. Dit wordt nogal eens toegeschreven aan aambeien, soms dus ten onrechte.
Bij kanker van de endeldarm, om vast te stellen in hoeverre de kanker door de darmwand is heengegroeid en/of naburige organen is binnengedrongen:
Er zijn twee factoren die de soort behandeling bepalen:
- het groeistadium van de kanker
- de locatie van de kanker in de dikkedarm.
Groeistadium
- Als de kanker nog niet in of slechts oppervlakkig op de darmwand zit:
- zieke stuk darm chirurgisch verwijderen en uiteinden aan elkaar hechten
- Als de kanker door de darmwand heengedrongen, is maar nog niet uitgezaaid is naar de lymfklieren:
- Als de kanker uitgezaaid is naar de lymfklieren, maar nog niet naar andere organen:
- chirurgie
- aanvullende chemotherapie
- Als de kanker is uitgezaaid naar andere organen (bijvoorbeeld de lever)
- bij een beperkt aantal uitzaaiingen, kunnen deze soms nog chirurgisch worden verwijderd
- chemotherapie (palliatief)
Locatie in de darm
Bij het verwijderen van een tumor wordt het omringende weefsel, met daarin de lymfeklieren, mee weggenomen zodat de tumor ruimschoots kan worden verwijderd.
- Bovenin de dikke darm is er voldoende ruimte om omliggend weefsel te verwijderen zonder schade aan te richten aan naburige organen. Als de kanker zich niet in de darmwand geworteld heeft:
- chirurgische ingreep volstaat
- In de endeldarm (dus onderin de dikkedarm) is aanzienlijk minder speelruimte voor chirugische ingreep, omdat de blaas en de baarmoeder of de prostaat in de weg zitten.
Als er bij dikkedarmkanker
- sprake is van uitzaaiingen in de lymfklieren, wordt standaard aanvullende chemotherapie gegeven gedurende een half jaar
- (nog) geen sprake is van uitzaaiingen in de lymfklieren, wordt alleen aanvullende chemotherapie gegeven aan patiënten die het hoogste risico lopen op terugkeer van de kanker
Bij kanker van de endeldarm
- wordt voor de operatie, om de tumor te verkleinen,
- kortdurende radiotherapie gegeven
of
- langdurig radiotherapie in combinatie met chemotherapie gegeven
- is aanvullende chemotherapie na operatie niet standaard
Stoma
Als uw ontlasting als gevolg van de operatie niet meer via de anus het lichaam kan verlaten, zal dit voortaan middels een stoma moeten gebeuren. Bij een stoma wordt de dikkedarm door de buikwand heengetrokken. De ontlasting en de gassen kunnen het lichaam verlaten via een opening in de buikwand een 'roosje' met een diameter van ongeveer een centimeter. De ontlasting wordt opgevangen in een kunststof zakje dat om het roosje bevestigd is.
- Wanneer een stoma?
- Tijdelijk stoma
Bij twijfel over de kracht van het littekenweefsel tussen de aan elkaar gehechte darmeindes, wordt deze darmnaad tijdelijk ontzien door de ontlasting erboven af te voeren via een tijdelijk stoma.
- Blijvend stoma
Wanneer de kanker dichtbij de kringspier zit, is het vaak niet mogelijk om de kringspier tijdens operatie te sparen, omdat kanker altijd ruim weggesneden wordt. Hoe dichter de kanker zich bij de kringspier bevindt, hoe groter de kans op de noodzaak van een blijvende stoma.
Ook als de kringspier slap is geworden (bijvoorbeeld bij oudere vrouwen die meerdere kinderen hebben gekregen) kan de frequentie van het toiletbezoek zo hoog worden, dat een blijvende stoma de minste slechte optie is.
- Leven met een stoma
Met een stoma is een redelijk normaal leven te leiden. Dieet is niet perse nodig. Het verdient wel de aanbeveling om etenswaren te vermijden die gasvorming veroorzaken. Des te langer het stuk verwijderde darm, des te hoger de gevoeligheid voor gasvorming.
Seksuele stoornissen
Operatie en/of bestraling nabij de kringspier kan tot beschadiging leiden van de daar aanwezige zenuwen, wat weer kan leiden tot stoornissen in het seksueel functioneren. Daarnaast kunnen stomadragers zowel in praktische als in emotionele zin door het zakje gehinderd worden tijdens het vrijen.
Algemeen: chirurgie, chemotherapie en radiotherapie gaan gepaard met bijwerkingen.
Welke nazorg biedt het NKI-AVL bij dikke darmkanker?
- Controle
Na afloop van de behandeling wordt met u een controleschema afgesproken.
- Stomagebruikers worden begeleid door verpleegkundigen in een gespecialiseerde polikliniek. Samen met u en de arts bepalen zij de plek waar de stoma het best geplaatst kan worden (waar deze u het minst hindert). Daarbij wordt rekening gehouden met factoren als huidplooien, kleding, werkhouding en sportwensen. Ook weten de verpleegkundigen welk materiaal het beste bij uw huid past.
- Polikliniek Seksualiteit en Kanker
De diagnose en behandeling van dikkedarmkanker kunnen een grote impact hebben op uw (seks)leven en dat van uw partner. Daarom heeft het NKI-AVL heeft een speciale polikliniek voor deze problematiek opgezet
Het is begrijpelijk als u moeite heeft met het delen van de vaak intieme problemen die samenhangen met het dragen van een stoma. Maar om u zo goed mogelijk te begeleiden is het van belang dat u een vertrouwensrelatie opbouwt met uw stomaverpleegkundige en uw behandelend arts.
- Ondersteuning
De behandeling van kanker is vaak intensief. Het NKI-AVL biedt steun bij de verwerking van lichamelijke en psychische klachten als gevolg van diagnose en behandeling. Ook kan er praktisch advies gegeven worden. Eventuele verwijzing is mogelijk en kunt u bespreken met uw arts.
Auteur webinformatie dikkedarmkanker: dr. H. Boot; maag-, darm- en leverziekten.
Polikliniek Seksualiteit en Kanker
Dikkedarmkanker KWF Kankerbestrijding
Stichting Doorgang: http://www.kankerpatient.nl/doorgang/
Maag Lever Darm Stichting; www.darmkanker.info
NB
Bovenstaande informatie is bedoeld om een globaal beeld te schetsen van de diagnose en behandeling van deze vorm van kanker in het NKI-AVL. Echter, ieder ziektebeeld is uniek. Uw behandelend arts kan u vertellen welke diagnostische onderzoeken en behandelmethoden van toepassing zijn op uw specifieke aandoening. Daarnaast kunt u bij het Voorlichtingscentrum terecht voor meer informatie.