Wat is immunotherapie?
Immunotherapie is een behandeling waarbij het natuurlijke afweerweersysteem van het lichaam versterkt en gemanipuleerd wordt om kanker te bestrijden.
Soorten immunotherapie
Behandeling met monoclonale antilichamen
Behandeling met cytokinen (o.a. groeifactoren)
Vaccins
Gentherapie
- Hoe werkt het?
Monoclonale antilichamen zijn kunstmatig, 'op maat' gemaakte eiwitten. Zij kunnen specifieke eiwitten herkennen die zich op kankercellen bevinden. De antilichamen binden aan deze 'kankereiwitten' waardoor ze herkenbaar worden voor het afweersysteem. Vervolgens kunnen afweercellen weer aan de antilichamen op de kankercellen binden, waarna deze de kankercellen kunnen vernietigen.
Een andere werking van antilichamen kan gericht zijn op de blokkade van de groei-impuls van kankercellen.
- Werkzaam bij:
- Borstkanker
Bij een kwart van de vrouwen met borstkanker komt op de kankercel veel HER2-eiwit voor, waardoor de kankercellen een doelwit kunnen vormen voor antilichamen.
- Non-Hodgkin lymfoom: anti-CD20-eiwit behandeling, meestal in combinatie met chemotherapie
- Een aantal kankersoorten produceert eiwit VEGF, dat verantwoordelijk is voor de aanmaak van nieuwe bloedvaten - cruciaal voor de groei van de tumor. Het antilichaam bindt zich aan het VEGF-eiwit waardoor er geen nieuwe bloedvaten aangemaakt kunnen worden.
- Enkele soorten leukemie
- Melanoom (nog in experimentele fase)
- Effectiviteit
- Trastuzumab, bekend als Herceptin, bindt aan HER2 en is als behandeling succesvol in combinatie met chemotherapie. Het wordt bij borstkanker als adjuvante therapie ingezet, om niet-zichtbare restjes kanker die overgebleven zijn na een andere behandeling, te doden of als behandeling bij uitgezaaide kanker.
- Rituximab, bekend als Mabthera, bindt aan het CD20-eiwit dat veel voorkomt bij het non-Hodgkin lymfoom. Het is dan ook een standaardtherapie bij deze aandoening en wordt meestal gegeven in combinatie met chemotherapie.
- Toediening
Voor de behandeling met monoclonale antilichamen is behandeling in het ziekenhuis nodig. Het wordt toegediend via een infuus.
- Bekendste middelen
| Soort kanker |
Stofnaam |
Merknaam |
Bijzonderheden |
| Non-Hodgkin lymfoom |
Rituximab (anti CD20-eiwit) |
Mabthera |
in combinatie met chemotherapie |
borstkanker (uitgezaaid) |
Trastuzumab (anti-Her2-eiwit) |
Herceptin |
eventueel in combinatie met chemotherapie (adjuvant) |
| colorectaalcarcinoom (uitgezaaid) |
Cetuximab |
Erbitux |
in combinatie met chemotherapie |
| colon carcinoom (uitgezaaid) of rectumcarcinoom |
Bevacizumab (anti VEGF-eiwit) |
Avastin |
in combinatie met chemotherapie |
| chronische lymfatische leukemie |
Alemtuzumab |
MabCampath |
|
- Bijwerkingen
- afhankelijk van
- het middel, en of het in combinatie met andere middelen wordt gegeven
- het karakter van de tumor: solide (minder bijwerkingen) of hematologische (meer bijwerkingen).
- allen: kans op allergische reactie
- verder: koorts, koude rillingen, verhoogde kans op infecties, klachten van het hart
- Hoe werkt het?
Cytokinen (interferon, interleukine-2 en groeifactoren) zijn eiwitten die zorgen voor natuurlijke afweer. Cytokinen worden door het lichaam zelf geproduceerd, maar kunnen synthetisch nagemaakt worden en bij de patiënt ingespoten worden. Het effect van cytokinen is aspecifiek, dat wil zeggen dat ze het afweersysteem in zijn geheel versterken, en mogelijk ook afweer tegen kanker.
- Toegepast bij:
- niercelkanker
- kanker die ontstaat door een virus (bijvoorbeeld het kaposi carcinoom, een vorm van huidkanker die kan ontstaan door het herpes virus)
- sommige vormen van chronische myeloïde leukemie
- sommige vormen van non-Hodgkin lymfoom
- Een specifiek soort cytokinen, groeifactoren, zorgt voor de aanmaak van rode bloedcellen (tegen bloedarmoede) of witte bloedcellen (voor weerstand). Wordt daarom regelmatig toegepast bij chemotherapie.
- Effectiviteit:
- bij niercelkanker reageert 15% van de patiënten
- Toediening
Injecties; patiënten leren zelf te injecteren, zodat zij hiervoor niet steeds naar het ziekenhuis hoeven. Bij de groeifactoren bestaat de mogelijkheid van thuiszorg.
- Bekendste middelen:
| Soort kanker |
Cytokine |
Merknaam |
Bijzonderheden |
| divers |
|
Neulasta |
groeifactoren ter ondersteuning van chemotherapie |
| |
|
Neupogen |
|
niercelcarcinoom (uitgezaaid) |
Interleukine-2 |
Proleukin |
|
| |
Interferon |
Roferon |
|
| |
|
Intron A |
|
- Bijwerkingen: zeer divers, afhankelijk van het soort middel en van de frequentie, de dosis en de manier van toediening.
- (gevoel van) flinke griep
- (sterke) vermoeidheid
- koorts
- verminderde eetlust
- leverfunctiestoornissen
- bloedarmoede
- pijn in spieren, botten, hoofd
- algehele malaiseklachten
Vaccins zijn erop gericht om tegen het vaccin een afweerreactie op te bouwen, die tevens de kanker bestrijdt. Wordt alleen nog toegepast binnen onderzoeksverband.
Bij gentherapie worden de afweercellen van de patiënt genetisch gemanipuleerd om ze effectiever de kanker te laten bestrijden. Wordt alleen nog toegepast binnen onderzoeksverband.
Kan immunotherapie genezen zonder andere behandeling?
In een klein aantal gevallen (5%) kan behandeling met hoge dosis interleukine-2 niercelkanker tot genezing leiden.
Echter, meestal wordt immunotherapie ingezet ter versterking van chemotherapie. Bij chemotherapie sterven tumorcellen af, waarbij veel eiwitten vrijkomen. Deze worden herkend door het afweersysteem, dat door de immunotherapie versterkt is en een krachtiger afweerreactie kan geven.
Verder wordt immunotherapie ingezet als palliatieve behandeling met als doel de tumor terug te dringen, klachten te verminderen en/of de levensduur te verlengen.
Immunotherapie en monoklonale antilichamen van KWF Kankerbestrijding