Op 15 januari 2007 start het NKI-AVL met het screenen van patiënten op ondervoeding.
Uit een landelijke meting blijkt dat 25 tot 40 procent van de ziekenhuispatiënten ondervoed is. Dat is zorgwekkend want patiënten die goed gevoed zijn herstellen sneller, hebben minder risico op complicaties zoals wondinfecties of doorliggen en hebben mogelijk een kortere ligduur.
Ondervoeding kan lastig te herkennen zijn. Artsen en verpleegkundigen herkennen slechts de helft van de ondervoede patiënten. De belangrijkste maat voor ondervoeding is gewichtsverlies. Iemand met overgewicht kan dus toch ondervoed zijn.
Sinds kort is er een snelle eenvoudige test waarmee verpleegkundigen ondervoeding beter kunnen signaleren, namelijk de SNAQ. ‘Short Nutritional Assessment Questionnaire’ .
De SNAQ is ontwikkeld in het VUmc en bestaat uit drie korte vragen.
- Bent u de laatste zes maanden onbedoeld meer dan zes kilo afgevallen, of meer dan drie kilo in de laatste maand?
- Is uw eetlust de afgelopen maand verminderd?
- Heeft u de afgelopen maand drinkvoeding of sondevoeding gebruikt?
Elke met ‘ja’ beantwoordde vraag levert punten op.
Bij twee punten of meer krijgt de patiënt drie maal daags een tussendoortje aangeboden door de voedingsassistent en schriftelijke voedingsinformatie. Bij drie punten of meer moet daarnaast ook verwijzing naar de diëtist volgen.
De SNAQ vragenlijst is onderdeel van het landelijke project ‘vroege herkenning en behandeling van ondervoeding in Nederlandse ziekenhuizen’, een verbeterproject dat is opgenomen in het Sneller Beter programma van het ministerie van VWS. Zeven ziekenhuizen, waaronder het NKI-AVL, voeren op een aantal afdelingen een pilotstudie uit met de invoering van deze test.
Vijftien januari start een proef met de SNAQ op een van de klinische etages. Het doel van deze pilot is alle patiënten op deze etage te screenen aan de hand van de vragenlijst gevolgd door bovengenoemde behandeling zodat ondervoeding sneller word herkend en behandeld.
Na twee maanden wordt de pilot geëvalueerd. Het plan is de SNAQ daarna op alle klinische afdelingen te introduceren.